Blog

Formeren in het onderwijs tijdens de coronacrisis 6

Door: Roën Engelhart | Gepubliceerd op: 29-04-2021

Formeren in het onderwijs. Elk jaar rond deze tijd maken directeuren, managers, teamleiders en HR-personeel plannen voor het komende schooljaar. Wij vragen ons af welke invloed het coronavirus heeft op dit proces.

Wij zijn in gesprek gegaan met een aantal schoolleiders en managers vanuit verschillende sectoren om erachter te komen hoe scholen hier op in spelen en voor welke uitdagingen zij staan.

Voor dit laatste interview van onze serie, zijn wij met Lambert Smit, teamleider Dienstverlening/Sociaal Werker bij Landstede Zwolle. Lambert vertelt over de nieuwe mogelijkheden die het onderwijs biedt door de komst van het coronavirus, zijn aanpak van het formatieproces, zijn kijk op het motiveren en binden van medewerkers en tegen welke uitdagingen de school nog meer aan loopt.

Formeren bij Landstede Zwolle

De aanpak van het formatieproces
Volgens Lambert is er vrijwel geen verschil in het formatieproces in vergelijking met het vorig schooljaar. Nu kijkt hij wel naar hoeveel uren een medewerker werkt. Het kan zijn dat medewerkers minder uren willen werken omdat ze bijvoorbeeld meer tijd aan hun gezin willen besteden. De werktijdfactor speelt daarom een grote rol in het formatieproces. Verder blijft de uitvoering onveranderd. Zij kijken hoeveel FTE’s er beschikbaar zijn, wat voor docenten er nodig zijn en hoe zij daar een zo goed mogelijk team van kunnen vormen. Lambert vertelt dat hij het belangrijk vindt om perspectief te bieden aan het personeel. Hij geeft daarom ruim van tevoren aan hoe de vlag erbij hangt. Duidelijkheid voor medewerkers is daarin belangrijk. Hij probeert de flexibele schil net zo groot te houden als voorgaande jaren. Een flexibele schil tussen de 10 en 20 procent zou ideaal zijn.

Docenten die niet naar school durven
De school verzorgt nog steeds fysiek onderwijs. Het gaat om praktijklessen, onderwijs voor kwetsbare doelgroepen en examenklassen. Niet iedere docent vindt het prettig om fysiek onderwijs te verzorgen. De teamleider gaat altijd eerst in gesprek met docenten die aangeven liever niet fysiek aanwezig te willen zijn. Uit deze gesprekken inventariseert hij per persoon wat mogelijk is en aan de hand daarvan worden er afspraken gemaakt. Niemand wordt verplicht om fysiek aanwezig te zijn. Docenten voelen zich al veiliger door het faciliteren van een aantal aanpassingen zoals een spatscherm in het lokaal, het invoeren van looproutes of het inrichten van aparte werkruimtes.

De verschillende scenario’s
Landstede heeft meerdere scenario’s uitgestippeld. Het scenario volledige lockdown, het scenario deels op school en het scenario ‘nieuw normaal’. De laatste twee scenario’s vindt Lambert het meest interessant. Door de komst van het coronavirus heeft men in het onderwijs geleerd dat er meer mogelijk is dan voorheen denkbaar was. Nu iedere school voor een groot deel is overgestapt naar digitaal onderwijs is het duidelijk geworden dat bepaalde onderwerpen prima op afstand te behandelen zijn. Als school moet je kijken naar welke eisen je stelt aan je onderwijsinhoud.

De inzet van subsidiemogelijkheden
Lambert heeft contact met verschillende teams. Zij kijken samen naar de obstakels voor studenten en stellen een plan op met de benodigde middelen om de problemen aan te pakken. Dit plan wordt vervolgens ingediend om de subsidie aan te vragen. Op het moment is hij bezig met het samenstellen van het plan. Op basis van het plan worden de ontvangen gelden ingezet om bijvoorbeeld opgelopen achterstanden door studenten weg te werken.

Innovatief onderwijsaanbod
Lambert zijn ogen beginnen te stralen wanneer het gaat om de mogelijkheden binnen het onderwijs die de coronacrisis met zich meebrengt. Bepaalde vaardigheden zijn online te leren via YouTube, instructievideo’s en lessen. Maar werken met groepsopdrachten, leren samenwerken of reflecteren is digitaal een stuk lastiger te leren. De school werkt, voor de niveau 2 studenten, met thema’s van ongeveer vier weken. Lambert heeft bedacht dat een groot deel van sommige thema’s vanuit huis te leren valt. Zo noemt hij als voorbeeld het thema ‘Huishouden en wonen’. De kooklessen kunnen vanuit huis worden ingevuld.

Niemand komt uit hetzelfde huishouden en heeft dezelfde keuken. Daar is een opdracht voor bedacht. Aan de hand van gezinsgrootte is er een boodschappenpakket samengesteld. De docent geeft vervolgens online kookles. De student volgt deze les en vervult daarmee een centrale rol in het huishouden door een maaltijd te bereiden voor het hele gezin. Het is ideaal om zo het praktijkleren letterlijk in huis te halen en op afstand mogelijk te maken.

De invloed van digitale vaardigheden
Door het schakelen naar online onderwijs vindt er minder ziekteverzuim plaats. Lambert vertelt dat het niet komt doordat docenten niet meer ziek worden, maar juist ondanks bepaalde klachten zoals een barstende hoofdpijn de lessen door laten gaan. Een docent hoeft niet meer te reizen naar locatie en is eerder geneigd om toch wel even een uurtje les te geven vanuit huis.

Daarnaast vertelt hij dat hij samen met z’n team regelmatig op zoek gaat naar nieuwe technologie om online lessen interessant te houden voor studenten, maar ook voor docenten.

Het werven van nieuwe docenten
Op dit moment gaat het vinden en werven van nieuwe docenten nog redelijk goed. Hij denkt dat docenten de laatste tijd ook minder snel geneigd zijn om van school te wisselen. Dit kan komen door de onzekerheid die de coronacrisis met zich meebrengt. Ook benoemt hij het feit dat er steeds meer mensen vanuit een werkveld voor het onderwijs kiezen. “Dat kan te maken hebben met het feit dat de vooruitzichten qua baan daar minder goed zijn dan in het onderwijs.”, aldus Lambert.

Door de anderhalve meter maatregel zijn er meerdere kleinere lesgroepen ontstaan in het onderwijs. Dat betekent dat de formatie ook groter moet zijn. Volgens Lambert vindt er daardoor een run op docenten plaats en zijn er meer vacatures dan gewoonlijk.

Faciliteren, motiveren en binden van medewerkers
Door het organiseren van webinars wist de school docenten te ondersteunen die meer moeite hebben met online tools. Docenten konden deze webinars volgens om beter te leren werken met tools & apps zoals Teams. Binnen de afdelingen zijn er ook verschillende ICT-personeelsleden die hulp bieden en waaraan docenten vragen kunnen stellen.

Iedere docent die begint bij Landstede krijgt van de school een laptop met alle benodigde apps en tools om lessen te verzorgen. Maar om docenten gemotiveerd te houden en het teamgevoel te geven is het sociale aspect een belangrijk punt vertelt Lambert. Alle docenten hebben onlangs een kaart toegestuurd gekregen met een bemoedigend woordje. Lambert is op dit moment bezig om een quiz te organiseren voor zijn team, met als doel het teamgevoel te bewaren en motivatie te behouden.

Om medewerkers te binden wordt er gekeken naar activiteiten die kunnen plaatsvinden. Daarnaast vinden er teamvergaderingen plaats. Lambert gaat dan iedere docent af om te vragen hoe het gaat. Vervolgens neemt hij persoonlijk telefonisch contact op met docenten die aangeven dat het wat minder gaat. Dit zijn acties die ervoor zorgen dat een medewerker zich gewaardeerd voelt en bijdragen aan het teamgevoel en binding.

Verwachte studentenaantallen
Lambert verwacht het komend schooljaar hetzelfde aantal studenten. De afgelopen jaren is er een stabiele lijn te zien in het aantal studenten dat zich aanmeldt voor de opleiding. Hij denkt ook dat het aantal studenten en leerlingen van het vmbo dat een jaar over moet doen als gevolg van de coronacrisis niet veel zal zijn. “Daar zal ongetwijfeld een soort bypass in komen”, aldus Lambert.

Meer aandacht voor de studenten
Er zijn onlangs twee personen aangenomen die zich focussen op het contact met studenten die het zwaarder hebben. Deze studenten dreigen uit te vallen maar door middel van meer persoonlijk en sociaal contact, meer benadering door docenten, probeert de school deze studenten gemotiveerd te houden.

Daarnaast proberen de docenten lessen anders in te steken. De kooklessen zijn daar een voorbeeld van. Bij vakken als Nederlands en rekenen wordt er geëxperimenteerd met een adaptieve methode. De docent geeft klassikaal les, de content is online te vinden en leerlingen kunnen zelfstandig aan de slag. Voor extra vragen of hulp kan de student contact opnemen met de docent. Lambert vertelt dat je de studenten het gevoel moet geven dat zij echt een persoonlijke opleiding volgen. Het versturen van kaartjes en presentjes tijdens feestdagen gedurende het schooljaar draagt daaraan bij.

Volgens Lambert dreigen er minder studenten uit te vallen. Dit heeft volgens hem te maken met het feit dat een student nu bijna geen kant op kan. Alle scholen zitten in dezelfde situatie.

Het werven van nieuwe studenten
Het werven van studenten gebeurt volledig digitaal. Er zijn verschillende video’s opgenomen met virtuele rondleidingen zodat nieuwe studenten een idee hebben hoe de school eruitziet. Verder zijn er op verschillende dagen contactmomenten met docenten. Deze docenten geven dan een algemene presentatie over de school en opleidingen, waarna er ruimte is voor verdere vragen. Via een chatbox is het ook mogelijk om direct vragen te stellen. Deze vragen worden beantwoord door een andere docent die de chatbox in de gaten houdt. Het aantal aanmeldingen voor deze presentaties is dit jaar ongeveer evenveel als het aantal van het vorig schooljaar.

In de toekomst ziet Lambert graag een hybride manier van studentenwerving. De algemene presentaties en rondleidingen vinden dan digitaal plaats. Het intakegesprek gebeurt dan fysiek. Je hebt dan meer inzicht in iemands non-verbale communicatie.

Stel je mag een dag op de stoel zitten van Rutte, wat zou jij dan als eerste doorvoeren in deze tijd en waarom juist dit?

“Ik zou graag op een gerichte manier met een aantal mensen willen nadenken, los van alle bestaande onderwijskaders, hoe je het onderwijs het best zou kunnen vormgeven. We zitten nu in de reparatiestand. Je moet eigenlijk kijken naar: Wat heeft een student echt nodig? Wat doen we wel? Wat doen we niet? Dat is iets wat op dit moment blijft liggen.”
-Lambert Smit, teamleider Landstede Zwolle

Lambert kijkt met een positieve blik naar de coronacrisis. Hij ziet de komst van het coronavirus als een mogelijkheid om het onderwijs anders in te richten. Anders dan wij gewend zijn. Door te experimenteren en lessen anders in te delen weet Landstede zijn medewerkers en studenten gemotiveerd te houden en uit te dagen om nieuwe methodes uit te proberen. Dit zijn volgens hem de eerste stappen om het onderwijs in de toekomst te veranderen

Meer lezen?
Wil jij meer weten over hoe andere onderwijsprofessionals zijn omgegaan met het formeren in de coronacrisis? Lees dan vooral ook deel 1, deel 2, deel 3, deel 4 en deel 5 van deze serie!

Metafoor onderwijs footer logo
Metafoor onderwijs footer logo